woensdag 8 mei 2013

Het imaginair reisverhaal


Ik kan het me nog goed herinneren. Het gebeurde op een zonnige dag in juli. Amerikaanse vliegtuigen vlogen over ons dorpje. Ze lieten dingen uit hun vliegtuigen vallen. Mijn moeder zei dat het bommen waren. Ik wilde graag zien wat er gebeurde maar mijn moeder stuurde me de kelder in. Zelf ging ze op zoek naar mijn vader, die achter ons huis in de velden aan het werk was.
Ik was dertien toen. Ik zat dagen in dat kleine keldertje, althans zo voelde het.
Mijn moeder kwam nooit terug en mijn vader ook niet.

Dear Jabalah,

Ik weet niet of we elkaar nog zullen zien. De Amerikanen zijn uit op Al Quida en ook je vader. Dus zodra de bommenwerpers weg zijn, ga dan naar tante Aqilah bij de zee. Zorg voor voldoende voedsel en verlaat dit land zo snel mogelijk.
Ik bid dat je veilig zal zijn.

Goodbye.

Nadat ik eindelijk uit de kelder durfde te komen, kwam ik in de keuken dit briefje tegen. Boven zocht ik mijn rugzak op en stopte daar alles wat ik in huis konden vinden aan voedsel en drinken in. Ik ging op weg, lopend. Het duurde een aantal uur tot ik bij tante Agilah aankwam. Daar stap ik in een klein vissersbootje.

Ik roeide dagen en nachten over het azuurblauwe water van de Indische oceaan. De stranden van Pakistan achter me latend, roeide ik richting het zuiden. Het was een verschrikkelijke tocht van dagen die ik moest afleggen. Ik wist niet waar ik heen ging. Ik wist alleen dat ik weg moest, zoals mijn moeder had gezegd. Het water raakte snel op en het eten ook. Ik raakte steeds vermoeider. Op het moment dat ik zo zwak was dat ik het niet langer dan een week zou overleven op zee, zag ik in de verte ineens de lucht iets veranderen. De kleur verder op was anders. Mijn oma vertelde mij vroeger altijd dat dat betekende dat er land was daar. Ineens kreeg ik weer energie.

Ik knipperde met mijn ogen. Boven mij hing een ouderwetse ventilator. De wieken draaiden langzaam rond. Ik lag op iets zachts. Toen ik eindelijk mijn ogen goed open kreeg, zag ik dat het een bed was waarin ik lag. Waar was ik? Een meisje, zittend bij het andere bed in de kamer, legde het aan mij uit. Ze had blond haar en een lichte huid. Ze was heel knap. Ze vertelde dat ik een paar dagen geleden gevonden was op het strand hier vlak bij. Ik was op een klein eiland, legt ze me uit, in het midden van de Indische oceaan. Ze vertelde nog verder, maar ik dreef af. Ik bekeek haar nog eens goed. Ze had een mooi lichaam van wat ik kan zien onder de grote witte jurk die ze aan had. Ze was een stuk ouder dan ik was dacht ik, rond de achttien.

De volgende keer dat ik wakker werd, lag ik in een ander bed. Dit keer was er een raam in de kamer. Ik keek naar buiten. Er was een blauwe lucht. Op straat zag ik kinderen vredig spelen. Ze speelden tikkertje. Toen zag ik iets vreemds. Er kwam een auto aanrijden. Hij toeterde niet, zoals ze in Pakistan deden, maar hij stopt rustig. De kinderen gingen naar hem toe en van wat ik kon zien vragen ze of ze opzij moeten gaan. Maar de man schudde zijn hoofd. De kinderen mochten gewoon doorspelen hij zou wel een andere weg zoeken. Hij keerde om en reed om via een andere straat.
Op dat moment vloog de deur van de kamer open en het meisje kwam naar binnen. Op het dienblad dat ze in haar hand had lag wat eten. Ze gaf het dienblad aan mij en keek hoe ik het op at. Ik wilde graag weten wat dat voorval daar net betekende. Ze legde mij uit dat er in dit dorpje altijd vrede is. “Alle beslissingen die iemand neemt worden met andere mensen besproken. Het is gebruikelijk hier dat de autobestuurder en de kinderen eerst met elkaar bespreken wat er aan de hand is en dat er daarna pas een beslissing wordt genomen.” Ze zei dat de mensen hier de rest van de wereld verafschuwen omdat er altijd oorlog is. “Ja”, zei ik, “daar ben ik het mee eens.” Ik legde uit dat de Amerikanen zojuist met bommenwerpers mijn dorp hebben neergehaald. Ze schudt haar hoofd. “Ja, zeg en Amerika noemen ze nou een democratie,” zei het meisje.

Het meisje bleek Angelique te heten. Elke dag kwam ze mij eten brengen op een zilveren dienblad. Ze verzorgde me met zorgvuldigheid. Langzaam werd ik weer wat sterker. Ze gaf me ook weleens boeken om te lezen. Allemaal propaganda voor een democratie. Na een paar dagen vertelde ze mij dat ik voor een rechtbank moest komen. “Waarom?” vroeg ik. “Omdat iedereen moet stemmen of je mag blijven. Je komt namelijk uit een land waar oorlog is,” zei ze.

Ik mocht blijven, maar eigenlijk wilde ik liever weg. Terug naar de andere wereld. Daar had een democratie tenminste de betekenis die het moest hebben. Namelijk dat iedereen vrij was om te bepalen wat hij wil. Hier heb je geen keuze om te geloven in een democratie.

zaterdag 5 januari 2013

Leesverslag literatuur of lectuur: Verborgen gebreken – Renate Dorrestein


1.    Algemene informatie
·      Verborgen Gebreken is geschreven door Renate Dorrestein. Het boek werd uitgegeven door Wolters-Noordhof in Groningen in 2000. De eerste druk was in 1996. Dit was een boek van de grote lijsters dus ik weet niet welke druk het is. Het boek bedraagt 223 pagina’s.
·      Het boek is een psychologische roman
·      Het gezin Jansen, bestaande uit Sonja (moeder), Jaap (met wie Sonja een relatie heeft), Waldo, Christine (in het boek Chris genoemd) en Tommie (de kinderen van Sonja, met elk een andere vader) wonen in een achterbuurt van een stad. Ze gaan op vakantie naar Schotland. Waldo, die Chris en Tommie misbruikt, wil in zijn eentje naar Skye om bergen te beklimmen, maar Sonja is het daar niet mee eens. Bij een haventje neemt hij afscheid van Chris en Tommie, en daar geeft Chris hem onopzettelijk een duw, waardoor Waldo verdrinkt. Chris vlucht samen met Tommie weg. Op een pont, waar ze afgesproken hadden met hun moeder en Jaap, kruipen ze in de auto van een vreemde. Sonja ziet haar kinderen nog wel, maar raakt hen op de pont uit het zicht kwijt. De vreemde, bij wie de kinderen in de auto stappen, blijkt Agnes Stam te zijn, een vrouw van zeventig. Zij rijdt met een urn naast haar op de voorbank, met daarin de as van haar overleden broer Robert, die zij op het strandje voor haar familiehuisje, Port na Bà genaamd, zal uitstrooien. Ze had nog drie broers: Benjamin, Frank en Justus, maar zij zijn alle overleden. Haar broers hielden veel van haar, en beschermden haar altijd. Agnes vindt Robert het aardigste van haar broers en Agnes is ook verliefd op hem geweest.
Als Agnes is aangekomen bij Port na Bà, ziet ze de kinderen uit de auto stappen. Ze noemt het meisje Bazooka, vanwege de kauwgum die zij kauwt, en de jongen Ivatuq, omdat hij op een eskimo lijkt. Eerst wil Agnes de politie bellen, maar omdat Chris haar dreigt om dan te zeggen dat zij ontvoerd zijn, ziet ze hier vanaf en ze laat hen maar bij haar thuis. Agnes vraagt zich wel af wie hun ouders zijn, en wat er bij het gezin Jansen thuis allemaal gebeurt, als het zo erg is dat de kinderen van huis weglopen.
De volgende dag ontdekt Agnes dat haar huis als woning te huur wordt aangeboden. Daarvoor heeft de vrouw van Robert, Elise, gezorgd. Het huis was ook oorspronkelijk van Robert. Ze moet het huis binnen een paar dagen verlaten en de familie Flynt is woedend op haar, omdat zij gehoopt hadden het huis in bezit te krijgen. Later die dag gaat haar wasmachine stuk en als ze in het dorp is, om een nieuwe slang voor de wasmachine te kopen, valt ze in een winkel flauw, waar ze zich erg voor schaamt.
Als ze weer thuis is, komt inspecteur Miller van Scotland Yard aan de deur. Hij is op zoek naar twee vermiste kinderen, maar hij herkent Chris en Tommie niet, vanwege andere kleren die zij aangetrokken hebben in het kader van een verkleedspel. Agnes besluit niets te zeggen, maar beseft, na het lezen van een krantenbericht, dat ze in een moeilijke situatie verkeert. De volgende dag vertelt Chris hun namen en gedraagt ze zich erg behulpzaam, omdat ze bang is om weggestuurd te worden.
Chris verlangt na een paar dagen weer naar Waldo, omdat hij wél aandacht aan haar besteedde. Ze gaat naar de slaapkamer van Agnes, om het haar te vertellen. Maar Agnes slaapt en Chris ontdekt een luchtbuks onder haar bed.
Vroeg in de ochtend komt er iemand langs van het verhuurbedrijf, om het huis te inspecteren voor de verhuur. Agnes wil hem wegsturen, omdat ze niet van plan is het huis te verhuren, maar ze bedenkt zich. Als hij na een tijdje weer weg gaat, met de conclusie dat het huis niet te verhuren is, omdat het een puinhoop is vanwege de kapotte wasmachine, ziet Chris hem. Ze denkt dat hij iemand is die hen eruit moet zetten en ze denkt dat hij Agnes mishandeld heeft, omdat ze haar glazen oog niet in heeft en gevallen is over het opstapje van haar deur. Daarom wil Chris haar beschermen. Ze richt de buks op de man om hem weg te jagen, maar als Tommie tegen haar aan loopt gaat de trekker over. Op hetzelfde moment krijgt Agnes een beroerte. Agnes en de man van het verhuurbedrijf blijven beide liggen en Chris slaat de meubelen in het huis kapot, omdat ze denkt dat het haar schuld is en zo reageert ze haar woede af. Als Chris weer bedaard is helpt ze Agnes om naar binnen te komen. Agnes besluit vervolgens de kinderen naar huis te sturen voordat het lijk ontdekt wordt. Ze weet uit de krant in welk hotel hun moeder logeert en schrijft dat op een briefje. Ze moeten met de auto liften naar dat hotel, maar Agnes doet het doel van de reis voorkomen als een verrassing.
Wanneer Chris het lichaam van de makelaar onder de heg wil slepen, is hij weg. Later blijkt dat hij niet dood was, maar zelf een stuk gelopen heeft, en in een ambulance, op weg naar het ziekenhuis, is gestorven. Nadat Chris en Tommie weg zijn, bereikt Agnes, na een laatste krachtinspanning het geweer en ze poetst de vingerafdrukken van Chris van het wapen en zet die van haarzelf erop. Ze realiseert zich dat ze naar een verpleeghuis zal moeten.
Op het grindpad voor haar deur vindt Muriel Flynt haar, die haar met de auto wegbrengt. De kinderen komen in het hotel aan en worden met hun moeder herenigd, die niet wil weten wat er gebeurd is. Dan gaan ze naar het eiland Skye, om Waldo te zoeken. In de auto haalt Tommie het glazen oog van Agnes, dat hij in het huisje aan haar terug wilde geven uit zijn zak en geeft het, zonder dat iemand het ziet, door aan Chris. De moord op Waldo en de moord op de makelaar blijven dus onopgelost.
2.    Literair gewicht


Oooooo


Ik vind dit boek een literair boek. Het verhaal gaat over een meisje Christine die denkt dat ze een engel is. Aan het begin van het boek vermoord ze haar broer. Ze duwt hem en hij valt met zijn hoofd op de stenen. Het lijkt erop dat ze het expres doet. Dit boek is kritisch ten opzichte van het moraal dat iedereen die moord pleegt meteen de gevangenis in moet. Door het boek heen krijgt de lezer te zien wat voor meisje Christine is. Ze gelooft er heilig in dat zij de engel van de gerechtigheid is en dat de mensen die iets fout hebben gedaan daar ook voor moeten boeten. Ze doet dat door die mensen uit de weg te ruimen. Dat doet ze onder andere met haar broer en met een man waarvan ze denkt dat hij een deurwaarder is. Je weet dat het fout is wat ze heeft gedaan en dat ze er eigenlijk voor gestraft zou moeten worden, maar toch hoop je dat het voor haar goed afloopt, want ze weet niet wat ze met haar daden aanricht. Het boek is dus kritisch ten opzichte van het heersende moraal dat het vermoorden van iemand bestraft moet worden met het doden van iemand. Het is natuurlijk fout om te doen, maar toch heeft iedereen zijn reden en daar moet rekening mee worden gehouden vind de schrijfster. Het boek is dus ook met een doel geschreven en dat vind ik typisch iets voor een literair boek. Er zit een gedachte achter het schrijven van het boek.

Een andere reden waarom ik vind dat dit een literair boek is dat de nadruk ligt op beschrijvingen, sfeer en gedachten. De schrijver gebruikt vaak links tussen de natuur en haar leven en beschrijft veel van de plek waar het huis van Agnes staat. De beschrijvingen van de omgeving en het huis geven een lieflijke, maar eenzame sfeer weer. Zoals in het citaat hier goed te zien is.
Citaat: De laatste bocht en dan kan het huis zich niet langer in de plooien van het landschap verborgen houden. Witte muren, blauwe kozijnen, een dak van lei. Oh, het is zo’n vriendelijk huis, het ligt er in alle verlatenheid zo sereen bij – als iemand die door maar lang genoeg te leven heeft geleerd de eenzaamheid niet meer te vrezen. Het lijkt uit over de stille baai van Port na Bà, over kilometers spierwit zand en rotsen die met felgroene algen zijn beslierd. Op het strand kun je stukken basalt vinden, gneis, graniet, zandsteen en soms zelfs marmer of schist. (pagina 48)
Zoals je ziet maakt de schrijfster veel gebruik van metaforen, vergelijkingen en personificaties. Zo maakt de schrijfster het taalgebruik gevarieerd en soms moeilijk te beschrijven. Dat is een kenmerk van literatuur.

Nog een kenmerk van literatuur dat in dit boek terugkomt is het vele gebruik van tijdslagen en flashbacks. De schrijfster veranderd vaak van personages waaruit verteld wordt en blikt vaak terug op het verleden van onder andere Agnes en Christine, de twee hoofdpersonen van het boek. Een voorbeeld van een terugblik naar het verleden van Agnes is dit citaat.
Citaat: Er bestaat een foto van haar als kleuter, in een van de talrijke familiealbums, een vergeeld kiekje met een gekartelde rand. Een onderschrift in verbleekte letters: AGNES ONTDEKT DE WERELD. Op die foto zit ze in een wit schortje in het gras, drie of vier jaar oud, een peinzende uitdrukking op haar gezicht. In haar hand houdt ze de pluizenbol van een paardenbloem. Buiten beeld zegt iemand: ‘Blaas dan!’ Ze herinnert zich tot op de dag van vandaag haar schrik toen ze inderdaad blies en de vernietigster van een heel universum bleek te zijn. Gek dat ze je vanaf je eerste ademtocht aanspoorden je stempel op de dingen te drukken, je spoor na te laten, je te gelden. (pagina 67)

Ik ben dus van mening dat dit boek literatuur is. Het boek is uniek. Ik heb nog nooit een boek gelezen zoals deze en dat betuigt van literatuur.

zaterdag 27 oktober 2012

Leesverslag oordeelvorming: Twee Vrouwen - Harry Mulisch


1.    Algemene informatie
standaardtitelbeschrijving
Twee vrouwen van Harry Mulisch
Apeldoorn, oktober 2008, 28ste druk (1975)
140 pagina’s

genre
psychologische liefdesroman

samenvatting
Het verhaal in dit boek gaat over een relatie tussen twee vrouwen, Laura en Sylvia. Laura is al een tijdje gescheiden van Alfred. Zodra ze Sylvia ziet voelt ze dat er iets bijzonders is tussen hen. Ze beginnen een liefdesrelatie. Deze verloopt niet helemaal vlekkeloos. Mensen in de omgeving reageren vaak negatief op de relatie en de ouders van Sylvia zijn ook struikelblok. Toch zetten ze de vrouw-vrouw relatie door.

2.    Persoonlijke oordeel
Ik pakte dit boek op nadat iemand mij had gezegd dat ik het moest lezen. Die persoon zei dat het een heel bijzonder boek was met een ongewoon thema. Het thema waar zij het over had was homoseksualiteit en ik ben het met haar eens dat er te weinig over geschreven wordt in boeken. Een paar weken nadat ik het boek gelezen had, spookte het boek nog steeds door mijn hoofd. Het boek is blijven hangen en dat komt niet vaak voor. Ik vond het een heel goed boek en het zal bij iedereen die het leest lang blijven hangen, maar het was wel moeilijk te lezen. Dat komt vooral door de opbouw van het verhaal die heel rommelig verliep. Vaak wist ik niet in welke tijd in Laura’s leven de gebeurtenissen zich afspeelden. Ik vind dat het boek vaker gelezen moet worden. Het is belangrijk dat homoseksualiteit openbaarder wordt. Waarom zou het taboe zijn om van iemand te houden, welk gender hij of zij ook is? De belangrijkste reden waarom dit zo’n goed boek is het thema van het boek. Wat ik eigenlijk best bijzonder vind is dat Harry Mulisch dit boek in 1975 heeft geschreven. Toen was homoseksualiteit nog veel meer taboe als nu.(intentionele argumenten)

Harry Mulisch beschrijft de relatie tussen de twee vrouwen uitgebreid. Voor mij kwam de relatie een beetje onrealistisch over, maar dat komt waarschijnlijk omdat ik het niet eens was met Laura en Sylvia en de manier waarop zij met elkaar omgingen. Het is belangrijk om met elkaar over dingen te praten en dat konden zij duidelijk niet. Als dat niet kan vind ik dat je geen echte relatie hebt. Ik vond ook de manier waarop ze elkaar ontmoeten en hoe ze meteen voor elkaar vallen een beetje apart. Ik zou verwachten dat je daar iets langer over zou doen, maar niks is immers te verwachten in het leven dus wat dat betreft heeft Harry Mulisch misschien wel realistisch geschreven. (realistische argumenten)

Ik vind de schrijfstijl van Harry Mulisch goed. Hij beschrijft de dingen op een manier waardoor je erover na gaat denken of die dingen een diepere betekenis hebben. Hij doet dat door middel van metaforen.
Een voorbeeld:
Plotseling bedolf de vermoeidheid mij, zoals een gedropte parachutist wordt bedolven door zijn parachute (p.7)
Op deze manier geeft Mulisch de lezer een beeld in plaats van alleen een woord. Ik vind het bijzonder als een schrijver dat kan. (structurele argumenten)

De opbouw van het boek was lastig te volgen. Mulisch laat kleine, essentiële dingen achter waardoor spanning opgebouwd wordt. Maar door bijvoorbeeld achter te houden hoe oud de hoofdpersoon op een bepaald moment is en wanneer wat zich afspeelt, is het boek lastig te volgen en zullen de mensen die geen moeite willen doen om het boek te begrijpen het boek snel wegleggen. Ik vind dat er bij dit soort boeken een beter einde is. Meestal valt op het eind alles pas op zijn plek. Ik vind het mooi als aan het eind van het boek alle vragen opgelost zijn. Aan het einde van het boek komen we er bijvoorbeeld pas achter wat de reden was van Sylvia om Laura te verlaten en bij Alfred te gaan wonen. (structurele argumenten)

Al met al is het een boek dat het waard is om te lezen. Ik zou het niet lezen als je iets simpels wilt lezen, maar als je iets wil lezen waarover je nou wilt denken, moet je het zeker lezen. Ik zou het iedereen aanraden.

zondag 10 juni 2012

Algemeen leesveslag: Tessa de Loo



       1. Algemene informatie
Ik heb De tweeling van Tessa de Loo gelezen. Het boek is voor het eerst uitgegeven in oktober 1993 door de arbeiderspers in Amsterdam. Het boek dat ik heb gelezen is de 24e druk en is in 1998 uitgegeven. Het boek heeft 428 pagina’s. De tweeling is een psychologische en oorlogsroman. Hier volgt een samenvatting gevonden op scholieren.com:

‘De tweeling’ vertelt het verhaal van de tweelingzussen Anna en Lotte, die op zesjarige leeftijd van elkaar worden gescheiden. Lotte groeit op in Nederland en Anna en Zuid-Duitsland. Als zij elkaar na bijna zeventig jaar toevallig weer tegenkomen in een kuuroord in België, blijkt het vooral de oorlog te zijn die een echte hereniging van de twee in de weg staat. 
Anna groeit grotendeels op op de boerderij van haar oom Heinrich, die trouwt met tante Marthe, een vreselijke vrouw die haar al het vuile werk op de boerderij laat opknappen. Haar levendige intelligentie wordt nooit erkend door haar opvoeders en haar enige houvast is de kerk, die de acties van de Duitsers goedpraat. Ze wordt huishoudster en ze bouwt een goede naam op waardoor ze terechtkomt bij een adellijke familie, de familie Von Garlitz, waarvan de man des huizes een overtuigd nazi is. Via deze baan komt ze in contact met een Duitse SS-soldaat, Martin, waarmee ze tegen het einde van de oorlog trouwt. Hij komt aan het einde van de oorlog om. Daarna wordt ze nazizuster en maakt ze van dichtbij de gruwelijkste dingen van de oorlog mee, de verminkte soldaten.

Lotte wordt opgevoed in een Hollands pleeggezin. De vader, een egoïstische, neurotische man die graag alle aandacht op zichzelf projecteert, adoreert klassieke muziek en Lotte hoort in haar jeugd dan ook niet anders. Hij sympathiseert met de communisten. De moeder is een zorgzame vrouw. Lotte heeft drie zusjes. De familie krijgt in de oorlog onderduikers in huis, waardoor er in huis altijd een gespannen sfeer heerst. Onder die onderduikers is een Joodse violist waar ze later mee trouwt. Ze moet, omdat ze de oudste en gezondste is, vaak op voedseltocht. 
Door alle ellende die de twee mee hebben gemaakt in de oorlog is het, ondanks momenten van toenadering, vooral voor Lotte te moeilijk om zich met elkaar te herenigen.

1.  Verwachtingen
Mijn moeder had het boek de Tweeling boven in de kast staan en overtuigde mij ervan het boek te gaan lezen. Ik las de achterkant en het idee sprak me meteen aan. Twee bejaarde vrouwen, een Nederlandse en een Duitse, ontmoeten elkaar in een Spa. Ze blijken een tweeling te zijn, maar door de verschillende achtergronden is er heel wat te overbruggen voor ze elkaar respecteren. Van tevoren verwachtte ik al dat er tussen de twee vrouwen veel verschillen zouden zijn en dat er dan ook dat er veel emotionele strijd zou plaatsvinden in het boek.

2.  Motieven en thema
In het boek staan een Nederlandse en een Duitse vrouw centraal. Er zijn vele conflicten tussen de twee die voornamelijke over de oorlog gaan. Lotte, de Nederlandse vrouw, heeft een grote hekel aan alle Duitsers. Zij geeft hen de schuld voor de oorlog. Anne, de duitse, probeert haar ervan te overtuigen dat de duitsers de oorlog ook verschrikkelijk vonden en dat Lotte niet alle duitsers de schuld moest geven. Dit is het thema van het verhaal.
Er zijn vele motieven die dit thema ondersteunen. Een voorbeeld is dat er steeds duitse zinnen voorkomen in het verhaal. De taal duits komt steeds terug als leidmotief. Als Lotte steeds meer Duits gaat praten blijkt dat ze het land Duitsland ook steeds meer gaat accepteren. Ook de oorlog is een motief. Het conflict tussen de twee vrouwen bestaat vooral door de oorlog. De oorlog zorgt ervoor dat de twee zo verschillend denken. De plaats Keulen komt ook steeds terug. Het is geboorteplaats van de tweeling en ze hebben allebei goede herinneringen aan de stad. Dit verbindt hen gedeeltelijk. De kloof tussen de twee vrouwen wordt naarmate het einde van het boek nadert steeds minder diep.

3.  Beoordeling
Dit boek is heel mooi geschreven. Het is een makkelijke, vloeiende schrijfstijl dat Tessa de Loo heeft. Ze gebruikt soms moeilijke woorden waar je even over moet nadenken, maar over het algemeen trekt de schrijfstijl je mee in het verhaal en vergeet je dat het een boek is en dat het niet jij bent die al die gebeurtenissen beleefd.
Toen het ijs begon te kraken rukte Lotte zich instinctief los. Bang was ze niet. De vastheid onder haar voeten verdween en de kristallen vloer opende zich om haar binnen te laten in het territorium van een zoete voortijdige dood, dat gestoffeerd was met varens en wieren die meebewogen op een stroom van luchtbelletjes. (pagina 42)
Zoals je in het citaat kunt zien wordt je meegetrokken in het verhaal en is het net alsof jijzelf onder het ijs zit. Tessa de Loo beschrijft op de juiste manier de verschillende emoties en gebeurtenissen.

Het begrip ruimte is in dit boek heel mooi gebruikt. Anna en Lotte groeien allebei op in twee totaal verschillende ruimtes. De éne in een boeren gezin in een klein dorpje, waar ze mishandeld en misbruikt wordt en de andere in het zoete leven van de muziek. Lotte groeit ook op in een dorp, maar in een heel ander gebied. Door de grote contrasten tussen de plekken waar ze opgroeien, komen ook de verschillende standpunten die de basis van het boek zijn tot stand.
De personages zijn goed gekozen. De één is luidrustig en wil de ander graag van haar gelijk overtuigen en de ander is de rustigere van de twee, maar ook de meest koppige en diegene die niet van haar standpunt wilt wijken. Op deze manier is het lastig zich met elkaar te verzoenen en dit is ook wat het boek bijzonder maakt.

4.  Eindoordeel
Ik vond het een heel mooi en intrigerende roman. Het boek gaat over de oorlog, een cliché thema. Maar door deze roman ben ik wel te weten gekomen over de verschrikkingen die het Duitse volk heeft moeten doorstaan. Dit gedeelte van het thema is minder moreel toegankelijk. Voor ik dit boek las had ik alleen het besef dat de oorlog voor de joden en onderdrukten erg was, maar ook voor de Duitsers was het geen leuke tijd. Wij denken soms dat we er goed aan hebben gedaan bijvoorbeeld Keulen te bombarderen, maar we hebben daar ook vele mensen mee benadeeld die ons niets misdaan hebben. Tessa de Loo beschrijft dit heel mooi. Je krijgt eigenlijk medelijden met het Duitse volk. In een gaaf kozijn wapperden gordijnen, verderop gaf als in een poppenhuis de weggeslagen voorgevel vrij zicht op volledig ingerichte etages, de bewoners waren niet teruggekeerd om de kroonluchter die op de vleugel gevallen was op zijn plaats te hangen. (pagina 202)
Gedurende het boek vertellen ze allebei om de beurt stukken van hun
leven, waarna de ander zijn visie geeft op wat de één verteld. Je krijgt op die manier verschillende standpunten te zien. Ik vind dat Tessa de Loo dat heel mooi doet. Bij het cynische ‘jullie bevrijders’ hield Lotte op met kauwen. Hoeveel moeite ze ook deed zich een brandend Berlijn voor te stellen, steeds schoof Rotterdam ervoor, of Londen. Berlijn bleef abstract, een stip op een landkaart. (pagina 269)
Voor een groot gedeelte klopte mijn verwachtingen. Ik had verwacht dat er veel strijd en emotie zou zijn en dat er tussen de verschillende vrouwen veel verschillen zouden zijn. Ik had niet verwacht dat ze allebei zo hun best zouden doen die verschillen proberen te overbruggen, maar dat iemand dan weer net iets verkeerds zei waardoor de ander toch weer boven op de kast zat. Al met al is het een heel mooi boek en zou ik het iedereen aanraden te lezen.






5.  Lijst van gebruikte bronnen
Boek: De tweeling, Tessa de Loo